Het determinerende criterium

Om uit te maken of er sprake is van schijnzelfstandigheid dient men te verifiëren of er sprake is van een ondergeschikt verband tussen de opdrachtgever en diegene die de opdracht uitvoert. Met andere woorden, is er al dan niet een relatie werkgever-werknemer aanwezig, waarbij echt werkgeversgezag wordt uitgeoefend? Het ondergeschikte verband is het wezenskenmerk van de arbeidsovereenkomst.

Jarenlang is er discussie gevoerd, zowel in de rechtspraak als in de rechtsleer, over het punt of men bij de beoordeling van deze vraag in hoofdorde rekening moest houden met de kwalificatie die partijen zelf gaven aan hun overeenkomst, of daarentegen met allerlei feitelijke elementen die zich voordoen tijdens de uitvoering van de overeenkomst. Vervolgens ontstonden er ook heroïsche discussies over de vraag welke feitelijke elementen nu precies tot herkwalificatie van een zelfstandige samenwerking noopten. De Programmawet van 27 december 2006 heeft deels een einde gemaakt aan die discussies.

Ben je aangemeld, dan kan je per artikel één woord, zin, of paragraaf markeren en persoonlijke notities toevoegen.
We hebben uw bericht ontvangen